Kleur – Door Henk Baljet

Over kleur.

Wat is kleur?

Kleur is een bepaalde golflengte in het licht en dat wordt door je ogen geïnterpreteerd, dat wisten jullie natuurlijk al. Geen golflengte levert de kleur zwart op. Alle golflengtes tesamen leveren de kleur wit. En alle andere kleuren zitten tussen die twee uitersten in.

Kleur zoals wij die willen verkrijg je op twee manieren. Door kleurstof of door pigment.

Kleurstof wordt toegevoegd, meestal aan bijv. textiel. Kleurstoffen lossen op in vloeistoffen om de hechting te bevorderen en worden daarmee afhankelijk van de eigenschappen van de vloeistof.
Pigmenten dienen juist onopgelost te blijven. Pigment
onttrekt golflengtes aan het licht. Een pigment dat alle golflengtes absorbeert toont zwart, terwijl een pigment dat geen enkele golflengte opneemt, wit uitstraalt. Het vertoont dus de kleur van het licht dat erop reflecteert. Pigment wordt daar gebruikt waar lichtechtheid (= zuiverheid) en kleurvastheid belangrijk zijn, zoals in verf, drukinkt, make-up, kunststoffen. En dus ook in kleurpotloden.

Het verschil tussen kleurstof en pigment is dus essentieel voor wat ons, kleurders, zo belangrijk is: lichtechtheid en kleurvastheid.

Tot zover het theoretische, ‘moeilijke’ deel. Wil je hier meer van weten, lees gerust verder op Wikipedia. Daar is ook een lijst van pigmenten te vinden. Saaie kost, maar wie ben ik?!

Van pigment tot op papier.

Het ideale pigment bestaat niet. Punt, uit.

pigment


Pigment tref je aan in de vorm van poeder en dat hecht zich moeilijk aan -in ons geval- papier. Daar is een bindmiddel voor nodig, dat -het zal eens niet- aan bepaalde voorwaarden dient te voldoen. Zo moet het het pigment beschermen tegen de invloed van zonlicht en toch ‘smeerbaar’ zijn en het dient sterk te zijn. En zo zijn er nog wel een aantal voorwaarden te noemen. Voor aquarel is het belangrijk dat het middel oplost in water. Het pigment lost niet op in water! Belangrijk! En pastel stelt weer andere eisen. In het bindmiddel stopt men nog andere hulpstoffen en oplosmiddelen om tot een zo goed mogelijk product te komen. Het bindmiddel is uiteindelijk de laag die het pigment aan het papier doet hechten. Geen wonder dat elke fabrikant erg geheimzinnig doet over zijn proces, waarbij hij een afweging moet maken tussen kwaliteit en wat hij commercieel haalbaar acht, rekening houdend met de eisen en wensen van de klant.

In principe bestaan er twee (hoofd)soorten basisbestanddelen voor zo’n bindmiddel: was of olie – wellicht een mix van die twee als evtl. derde.

Heeft het pigment en het bindmiddel samen uiteindelijk een bruikbare kern opgeleverd, dan moet er nog een huls omheen. Natuurlijk dient die huls ter bescherming, maar ook om er een bruikbare eenheid van te maken. Je moet ‘m bijv. goed kunnen slijpen zonder dat de huls gaat haperen of zelfs breken; de ene houtsoort doet dat beter dan de andere. Ik kan me voorstellen dat bijv. een huls van eikenhout uiteindelijk niet te tillen wordt, dus dat zal geen fabrikant gebruiken. Denk aan licht en toch sterk, zoals ceder, es, linde, zoiets.

Uiteindelijk wordt er een punt aan geslepen en in een doos gestopt. En daar ligt ie dan. Voor je. Klaar om dienst te doen.


Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s